In de Message vertaling staat dat de wereld van de vrijgevige groter wordt (Spr. 11:24-25). Onze Bijbel in Gewone Taal vertaling zegt het als volgt:

24 Mensen die geld weggeven, worden steeds rijker, maar gierige mensen worden steeds armer. 25 Als je veel weggeeft, krijg je ook veel terug. Als je anderen te drinken geeft, zul je zelf geen dorst hebben. (Spr. 11:24-25 BGT)

En vandaag moest ik zo denken aan dit onderwerp. Misschien omdat ik vandaag zelf werd uitgedaagd om te geven. Iedere maand geven Sharon en ik onze tiende zodra het salaris binnenkomt. En deze maand was dat extra spannend, want de afgelopen maanden waren door omstandigheden iets duurder dan normaal en de maand juli spande de kroon. En op zo’n moment is het heel verleidelijk om dan maar iets minder dan je tiende te geven, want God begrijpt het wel. En ook al weet ik 100% zeker dat God het begrijpt voelde het niet goed. Dus heb ik al biddend onze tiende overgemaakt. Waarom? Omdat Sharon en ik samen hadden afgesproken om – kostte wat kost – altijd minimaal ons tiende deel te geven. Dat is onze persoonlijke belofte aan God en daar willen wij ons graag aan houden.

Paulus schrijft in zijn tweede brief aan de Korintiëers het volgende:

6 Denk eraan: Iemand die weinig zaait, zal ook weinig oogsten. Iemand die veel zaait, zal ook veel oogsten. 7 Iedereen moet voor zichzelf besluiten hoeveel hij wil geven. Je moet van harte geven, en niet omdat het verplicht is. Want God houdt van mensen die met vreugde geven. (2 Kor. 9:5-6 BGT)

En mocht je nog twijfelen, de context hier gaat echt over het geven van geld. En soms zien wij mensen God danken te midden van de spreekwoordelijke oogst en dan zou je haast vergeten dat ze hebben gezaaid. En zaaien is echt niet altijd even makkelijk. Om te zaaien heb je geloof en vertrouwen nodig. Wanneer je zaait geef je eigenlijk iets uit handen. Je zaait het in de grond en daarmee verdwijnt het uit het zicht. Je ziet het niet meer en je moet erop vertrouwen dat de oogst komt. Ik geloof met heel mijn hart in het principe van zaaien en oogsten en als ik kon zou ik meer zaaien dan ik nu al doe, maar eerlijk gezegd ben ik nog niet zo ver om genoegen te nemen met minder voor mijzelf. Ik weet dat dat heel egoïstisch klinkt, maar ik ben best wel gewend geraakt aan gemak en comfort en het gaat in kleine stapjes dat ik aan het afbouwen ben. Mijn mentor stelde mij eens de vraag: “Gil, wil jij de sleutel tot overvloed weten?” Natuurlijk was mijn antwoord JA. Zijn antwoord was verrassend, maar zo waar: “Neem dan genoegen met minder.” Als je minder voor jezelf nodig hebt, heb je meer over voor anderen.

Mocht je nu denken dat ik zeg dat je veel moet geven om veel te ontvangen dan wil ik je maar meteen uit de droom helpen; dat geloof ik dus niet! Je geeft niet om te ontvangen, maar omdat je hebt ontvangen. Dus ons geven is niet vanuit een te kort, maar vanuit datgene wat we hebben ontvangen van God.

18-20 Ook Melchisedek was daar. Hij was koning van Salem, en priester van de allerhoogste God. Hij bracht brood en wijn mee voor Abram. En hij zegende Abram. Hij zei: ‘Ik dank de allerhoogste God, die de hemelen de aarde gemaakt heeft. Want hij heeft ervoor gezorgd dat u de strijd gewonnen hebt. God zal u gelukkig maken, Abram.’ Abram gaf aan Melchisedek een tiende deel van alles wat hij meegenomen had van de overwonnen koningen. (Gen. 14:18-20 BGT)

In dit stuk zien we dat Abram een tiende deel van zijn winst geeft aan Melchisedek nadat Melchisedek eerst brood en wijn mee bracht voor Abram. In die tijd was het brengen van brood en wijn een teken van verzoening en doet het mij sterk denken aan wat Jezus heeft gedaan voor ons. Jezus Zijn lichaam werd voor ons gebroken (brood) en Zijn bloed voor ons vergoten (wijn). Dat is ook wat wij vieren met het Avondmaal. En als reactie op die verzoening mogen wij, net als Abram, geven van wat wij hebben ontvangen. Dus wij geven uit dankbaarheid omdat wij hebben ontvangen.

En wanneer we geven, dan geven we het als een zaad dat wordt gezaaid in Gods Koninkrijk. En dan mogen we ook een oogst verwachten wanneer het seizoen daar is. Dus ben je niet tevreden over de oogst, dan moet je jezelf afvragen wat jij hebt gezaaid. En misschien zelfs of je hebt gezaaid.

Meer dan genoeg

8 God heeft de macht om jullie al het goede te schenken. Hij kan jullie alles geven wat je nodig hebt. Zelfs zo veel dat jullie altijd meer dan genoeg hebben, en veel overhouden om andere mensen te steunen. 9 Zo staat het ook in de heilige boeken: «Ze geven veel aan arme mensen. Altijd blijven ze het goede doen.» (2 Kor. 9:8-9 BGT)

God zorgt voor ons. In Matteüs 6 kunnen we lezen dat God voor ons zorgt. Dat we ons daarom geen zorgen hoeven te maken. En dat is soms makkelijker gezegd dan gedaan, want ik heb mij ook wel eens zorgen gemaakt over dingen. Maar ik heb ook geleerd dat “zorgen maken” niets oplost. Wanneer wij gaan bidden én werken (dus doen wat wij kunnen), dan mogen we vertrouwen op Gods hulp. En dat is van tijd tot tijd erg lastig, maar wanneer je bedenkt dat God de macht heeft om ons al het goede te schenken, zelfs zo veel dat we altijd meer dan genoeg hebben en meer overhouden om andere mensen te steunen, dan is dat toch een enorme troost en zekerheid! Maar let op! Er staat dat wij veel overhouden om andere mensen te steunen.  Overvloed en rijkdom is niet voor ons, maar voor anderen.

Ik geloof in prosperity, maar niet zodat ik een lui-lekker leven zal hebben, maar zodat ik mij nog meer kan inzetten voor anderen. Want het gaat niet om mij, maar om Jezus. En als het om Jezus gaat, dan gaat het automatisch ook om anderen. Want Jezus houdt van die anderen.

10 Het is God die zorgt voor zaad om te zaaien en brood om te eten. Hij zal er ook voor zorgen dat jullie meer dan genoeg hebben. En dat jullie steeds meer goeddoen voor anderen. (2 Kor. 9:10 BGT)

God zorgt ervoor dat wij het zaad hebben om te zaaien en brood om te eten. Hij zorgt ervoor dat we meer dan genoeg hebben en dat we meer goeddoen voor anderen. Er was ooit een tijd dat ik gaf omdat ik geloofde dat ik dan meer voor mijzelf zou hebben, maar ik ben inmiddels bekeerd. Nu geef ik, zodat ik meer kan geven aan anderen. Ik zaai een deel van wat ik heb ontvangen, zodat ik mag oogsten wat God mij geeft, zodat ik meer kan geven van wat ik heb ontvangen. En zo blijft het cirkeltje groeien.

De volgende keer dat je mij God ziet danken te midden van mijn oogst, bedenk dan dat ik heb gezaaid van wat ik had. En dat is in sommige tijden heel erg weinig geweest. Maar ik heb geleerd dat God niet kijkt naar hoeveelheid, maar naar het hart. Dus in tijdens dat ik niet meer kon geven dan 50 eurocent, zag Hij mijn hart. En als ik nu meer kan geven, dan nog steeds is Hij niet onder de indruk van hoeveel ik geef, maar geloof ik dat ik Hem mag aanbidden met hoe ik geef.

De uitnodiging

En dan volgt nu mijn uitnodiging aan jou. Ik wil je van harte uitnodigen om te geven. Niet aan mij, maar aan de gemeente waar jij deel van bent. Dus ga je naar Hillsong Amsterdam, dan wil ik je aanmoedigen om daar te zaaien. Ben je deel van Doorbrekers, zaai dan daar. Is CLC jouw thuis? Geef daar. Welke kerk jij ook naartoe gaat, zaai jouw gift in die gemeente. Waarom? Omdat ik geloof dat het goed is om te zaaien in het huis waar jij bij hoort. Zoals het volk Israël dat ook deed. Zij brachten hun tiende naar de voorraadschuur. En geef niet om te ontvangen, maar geef omdat je hebt ontvangen. Vraag God wat jij mag geven en laat je daarin leiden, zodat God verheerlijkt wordt en meer mensen bereikt mogen worden met het Goede Nieuws van Jezus.

Ga jij naar re:connect en kan je nu niet wachten om te geven. Dan kan je gaan naar reconnect.cc/geven en dan kan je daar heel makkelijk (en snel) geven via Ideal.  Tevens staan daar ook onze bankgegevens. Maar nogmaals, geef niet om te ontvangen of omdat het moet, geef omdat je hebt ontvangen! 

Comments are closed.